De gevangenisfamilie van Perry T. Cook

De gevangenisfamilie van Perry T. Cook / Leslie Connor ; vertaald [uit het Engels] door Ineke Lenting

Word je geplaatst in de gevangenis Blue River (Nebraska), waar de gevangenen bewoners worden genoemd, dan krijg je al gauw te maken met Big Ed en zijn ‘Motto’s voor geslaagde bewoners’, zoals:
– Zorg dat je slaagt
– Blik op de eindstreep
– Geef elke dag betekenis
– Probeer te begrijpen voor je begrepen wilt worden
– Win-Win: eerste Win: tel alle mooie dingen op die je elke dag overkomen, tweede Win: doe dingen waarmee je anderen aan de overwinning helpt

Continue reading “De gevangenisfamilie van Perry T. Cook”

Kleine nachtverhalen

Kleine nachtverhalen / Kitty Crowther ; vertaald [uit het Zweeds] door Siska Goeminne

Warm en kleurrijk prentenboek over een beertje dat bij het slapengaan drie verhalen wil horen (voor de zekerheid zegt hij maar vast drie keer alsjeblieft) en mama beer vindt dat prima en laat hem zelf de verhalen kiezen.

Lees verder

Prentenboek van het jaar en Prentenboek top tien 2019

Woensdag 23 januari starten De Nationale Voorleesdagen 2019 en deze week zijn het Prentenboek van het jaar en Prentenboek top tien 2019 bekend gemaakt:

  • Als ik een dinosaurus had van Alex Barrow en Gabby Dawnay (Querido)
  • De kale boom van Tamara Bos en Barbara de Wolf  (De Vier Windstreken)
  • Dino’s bestaan niet van Mark Janssen  (Lemniscaat)
  • Een huis voor Harry van Leo Timmers (Querido Kinderboeken)
  • Gulzige geit van Petr Horácek (Lemniscaat)
  • Heb jij misschien Olifant gezien? van David Barrow (Gottmer)
  • Ossip en de onverwachte reis van Annemarie van Haeringen (Leopold)
  • Panda wil een vriendje van Jonny Lambert (Veltman)
  • Plasman van Jaap Robben en Benjamin Leroy (Gottmer)
  • Waar is Beer? van Emily Gravett (Gottmer)

Vijf hiervan heb ik een tijd gelezen voorgelezen in de bibliotheek en daarna wat over geschreven in de boeken app-groep waar ik stukjes voor schreef. Ik heb flink flink gescrold en ze terug gevonden:

Een huis voor Harry / Leo Timmers : Prentenboek van het jaar 2019

Harry de kat, die nooit het huis uit is geweest, gaat een vlindertje achterna en verdwaald. Hij zoekt een nieuw huis, maar vindt er geen een geschikt. Nieuwe vrienden vindt hij wel, en die helpen hem terug naar huis. Typisch Leo Timmers stijl, maar voor het eerste zonder uitbundige kleuren. Mooi prentenboek.

Heb jij misschien Olifant gezien? / David Barrow ; vertaling [uit het Engels]: J.H. Gever

Prentenboektopper! Verstoppertje met een olifant, die DENKT dat hij zich heel goed kan verstoppen. Net zoals peutertjes vaak 😂 Daarom herkenbaar voor ouders en erg grappig voor ouders en kinderen. Was zeer leuk om voor te lezen woensdag. Geweldige illustraties. Op de schutbladen familieportretten waaruit je kan opmaken dat het jongetje uit een gezin van blank en donker komt. Extra punt voor diversiteit en subtiliteit.
Aanvulling: Zilveren Penseel 2018

Als ik een dinosaurus had / Gabby Dawnay, Alex Barrow ; vertaald [uit het Engels] door Bette Westera

Dit is zo’n prentenboek waar ik lezend op kantoor al om moet gniffelen. Op rijm, vertaald door Bette Westera: dus dat zit wel snor.

* ik vrees dat ik bij het scrollen een stukje tekst ben vergeten, maar er kwam hierna nog iets over de diversiteit in het boek: zonder vermelding verder zie je kinderen op de prenten met allemaal verschillende huids- en haarkleuren

Dino’s bestaan niet / Mark Janssen

Grote formaat prentenboek met grote uitklapprenten, prachtig geïllustreerd: twee jongetjes gaan op dinojacht, maar die bestaan natuurlijk helemaal niet. De kinderen zien echter dat de onwetende jongetjes bovenop dino’s lopen, wat een ‘Jan Klaasen, pas op achter je!’-effect geeft.
Aanvulling: Vlag en Wimpel 2018 Penseeljury

Plasman / Benjamin Leroy & Jaap Robben

Briljant grappig prentenboek op rijm over superheld Plasman (superkracht: extreem kunnen plassen) die moet ingrijpen omdat de andere superhelden om vrij kinderachtige redenen verhinderd zijn. Waarbij ik kinderachtig in dit geval positief bedoel (bijvoorbeeld Batmans outfit is kapot, dus mama moet het nog even repareren met de naaimachine).

 

 

De vos en de ster

De vos en de ster / Coralie Bickford-Smith ; vertaling [uit het Engels]: Jan Rot

Wat een juweeltje om te zien, en om te lezen! Wel een droevig verhaal: over een eenzame vos, die het maar moeilijk heeft in het donkere, ondoordringbare woud. Zijn enige vriend is een stralende ster die ‘s nachts aan de hemel verschijnt: zijn licht in de duisternis. Tot de ster op een dag weg blijft…
Als de vos het na een tijd wachten en zoeken opgeeft, zakt hij weg in een depressie (al wordt dat niet genoemd) en komt zijn hol niet meer uit. Gelukkig weet hij zichzelf op een gegeven moment genoeg op te peppen om er uit te komen en kijkt hij ‘voorbij zijn oren’ en ontdekt hij dat er veel meer sterren aan de hemel zijn.

De prenten doen denken aan middeleeuwse miniaturen en zijn heel mooi met de tekst verweven. Soms zitten de woorden zelfs verstrikt in doornstruiken.

Een prachtig prentenboek voor kinderen vanaf een jaar of  zes over liefde, verlies, eenzaamheid en opkrabbelen en met prenten die wellicht volwassenen meer zullen aanspreken. Bij wijze van experiment heb ik het in mijn voorleesmand gestopt en meegenomen voor mijn voorleespubliekje in de bibliotheek (dat vooral uit kleuters bestaat). En wat verrassend en leuk: ze vonden het een heel mooi boek! Ze leefden mee met de vos, bewonderden de mooie prenten en dachten uiteindelijk dat vos zijn ster had teruggevonden tussen al die andere sterren.

Driehoek

Driehoek / door Mac Barnett & Jon Klassen ; vertaling [uit het Engels]: J.H. Gever

Wie er geen moeite mee heeft als hoofdpersonen in prentenboeken niet zo sympathiek zijn, en de illustraties niet zoet en vrolijk gekleurd hoeven te zijn, kan een hoop lol hebben met de prentenboeken van Jon Klassen. De hoedentrilogie (Ik wil mijn hoed terug, Deze hoed is niet van mij, We hebben een hoed) die hij niet alleen geillustreerd, maar ook geschreven heeft, vind ik zelf briljant grappig.

In ‘Driehoek’, geschreven door Mac Barnett (eerder maakten zij samen Bas & Daan graven een gat), gaat Driehoek ‘een gemeen grapje’ uithalen met Vierkant. Hij heeft er al helemaal zin in. Het gemene grapje heeft te maken met Vierkants angst voor slangen. Het is gemeen en niet grappig. Nadat Vierkant zich rot is geschrokken, rent hij woedend achter Driehoek aan. Maar uiteindelijk kan hij Driehoeks huis niet in: een vierkant past niet door een driehoekvormige ingang (doet denken aan een vormendoos). In eerste instantie vindt Driehoek dat grappig, maar als Vierkant voor de ingang het licht blokkeert, blijkt Driehoek bang te zijn voor donker. Boontje komt om zijn loontje dus. Vierkant doet alsof hij dit zo van tevoren had uitgedacht, maar het boek eindigt met de vraag of dat wel zo is. De kinderen bij het voorlezen dachten van niet: het was toeval.

Origineel en grappig prentenboek over vormen, angsten en pestgedrag. Een leuk boek om het juist te hebben over pesten, gemeen zijn en wraak nemen.