De zomer die alles was / Mariska Overman

Een lange, saaie zomer, een eenzaam meisje dat gepest wordt en een jongen die dood gaat. Na mijn wilde avontuur in zinderend Parijs, voelde ik een beetje tegenzin om De zomer die alles was te gaan lezen. Even overwoog ik het ongelezen weer in te leveren, maar dat mocht niet van mezelf. Gelukkig maar, want zodra Rover opdook (vrij snel), was ik om.

Het is net zomervakantie, en na de zomervakantie gaat Puca naar de middelbare school. Puca kan niet wachten, want dat zal een nieuwe start voor haar worden. De basisschool was geen fijne tijd: ze werd genegeerd en gepest.

In de zomervakantie heeft ze ook geen zin: haar moeder is al heel lang somber, haar broertje is erg druk en vraagt veel aandacht. Nu ook hij vakantie heeft van het speciaal onderwijs is hij continu erg aanwezig, en slokt veel aandacht op. Hun vader is afwezig: hij werkt in het buitenland. En ze zien alle drie erg op tegen zijn terugkomst. Langzaam komen we er beetje bij beetje achter waarom.

Puca wil dat de tijd zo snel mogelijk gaat, zodat de zomervakantie gauw voorbij is. Maar dan ontmoet ze Rover, een ietsje oudere jongen, die wèl aardig is, die wèl geïnteresseerd is en die Puca niet raar vindt, ondanks haar bijzondere ‘hobby’ om dode dieren die ze vindt te begraven.

Rover wil de tijd juist vertragen, want zijn tijd is zeer beperkt: hij heeft kanker en kan niet meer genezen worden. Samen proberen ze uit te vinden hoe ze de tijd kunnen beïnvloeden. De bibliotheek biedt hier helaas geen uitkomst. Wel punten voor de bibliothecaris die vaste bezoeker Puca zo goed kent, dat hij een nieuw boek – wetende dat het echt wat voor haar is – voor haar apart heeft gehouden.

Behalve vriendschap tussen Puca en Rover, begint er ook een eerste puberverliefdheid vonkjes te geven. Puca en Rover brengen veel tijd samen door en helpen elkaar een zomer door die er aanvankelijk heel somber voor hen beiden uitzag. En ondertussen slaan de pestkoppen toe, is er gedonder met de thuiskomst van vader, groeien Puca en haar hinderlijke broertje steeds meer naar elkaar toe, vindt Puca per ongeluk steun bij een oudere hippiedame uit de straat, en verzint Puca een plan om Rover, die steeds meer lijkt te vervagen, de flonkering in zijn ogen terug te geven.

Mariska Overman heeft de belangrijkste personages met een warm hart neergezet. Puca is wellicht wat bijzonder, maar totaal niet moeilijk om je in in te leven en mee te leven. Ze houdt er ook mooie zelfbedachte uitdrukkingen op na, zoals ‘de lucht lezen’ en ‘denkgesprekjes’. Sowieso twee dingen waar ik mee bekend ben, maar waar ik geen woorden voor had. Ik probeer ze erin te houden. Over Rovers ziekte krijgen we niet veel mee. Het is echt wat Puca observeert, voelt en meekrijgt wat de lezer meekrijgt. En dat is juist heel mooi zo. Ik heb De zomer die alles was met veel plezier gelezen, met een klein beetje hartenzeer, maar een tranentrekker is het (gelukkig) niet. Ik vind het een lief en hoopgevend boek voor kinderen vanaf ca. 10 jaar. Zilveren Griffel 2025.