Pinguïn wil vliegen

Pinguïn wil vliegen / geschreven door Patrick Guest ; geïllustreerd door Jonathan Bentley ; vertaling [uit het Engels]: Kirsten Verhagen

Heel mooi geïllustreerd prentenboek over een kleine pinguïn die ontzettend graag wil vliegen: hoog in de lucht is zoveel moois te zien. Bovendien ziet hij allemaal andere vogels die het kunnen. Hij probeert van alles, doet allerlei pogingen, maar alles mislukt. Continue reading “Pinguïn wil vliegen”

Vriendjes

Vriendjes / Michael Foreman ; vertaling [uit het Engels]: Ellen Hosmar

Lief prentenboek over een poes die geniet van het leven omdat hij kan gaan en staan waar hij wil. Maar thuis zit zijn vriendje Bubbel (een goudvis) in een aquarium. De kat heeft medelijden met zijn vriendje en als hij een emmertje in een zandbak vindt krijgt hij een idee: hij vult het emmertje met water en haalt Bubbel op. Continue reading “Vriendjes”

Lola en de leasekat

Lola en de leasekat / [tekst en ill.] Ceseli Josephus Jitta

Afgelopen woensdag zijn de Nationale Voorleesdagen begonnen en nu staat alles in het teken van het winnende boek Een huis voor Harry van Leo Timmers. Hoewel ik de boeken van Leo Timmers geweldig vind en veel heb voorgelezen in de bibliotheek en natuurlijk zijn Prentenboek van het jaar afgelopen woensdag heb voorgelezen, ga ik het er niet over hebben. Jammer? Luister dan vooral naar aflevering 6 van De Grote Vriendelijk Podcast met als gast: Leo Timmers! Eerder heb ik al wel iets geschreven over een aantal titels van de Prentenboek Top 10 van 2019.

Waarom ga ik het er niet over hebben? Ik heb besloten voortaan niet meer over alle prentenboeken te schrijven die ik voorlees in de bibliotheek, maar om mijn favoriete van de week te kiezen en te bespreken. Ik heb er woensdag rondom Harry een kattenfeestje van gemaakt (vijf prentenboeken over katten) en mijn favoriete van de week is de gouwe ouwe Lola en de leasekat uit 2006. Mijn zoon van bijna 18 herinnerde zich het boek nog.

Continue reading “Lola en de leasekat”

Prutje

Prutje / Pieter Koolwijk ; met illustraties van Linde Faas

Jongetje Hens is erg ongelukkig met zijn leven: hij leeft met zijn ouders, zus en broertje (met verstandelijke beperking) in armoede in een piepklein huisje in een smerige volgepakte stad om iedere dag naar de fabriek te gaan om daar van ‘s morgens vroeg tot ‘s avonds laat te werken. Zijn kleine broertje Walm is niet in staat om te werken en het is Hens’ taak om tijdens zijn gevaarlijke werk in de textielfabriek ook op zijn broertje te passen. Geen makkelijke taak, zeker omdat Walm niet zindelijk is. Thuis is het ook niet gezellig: Hens vader is continu kwaad en Hens lijk steeds meer in opstand te komen tegen zijn leven. Volgens zijn familie moet hij niet zo moeilijk doen, want de situatie is nu eenmaal zo: ze zijn arm en daarom is dit hun leven. ‘Het gaat niet om geld’, volgens Hens: ‘gewoon om een beetje vrolijkheid in het leven’. Als Hens weigert te gaan werken en zijn vader hem laat weten dat hij dan niet meer welkom is thuis, loopt Hens weg.

Continue reading “Prutje”

Ieber & Knoert, De jongen op de bank, Tijn Konijn wil skiën, Voor alle sterren in de nacht, Wat doen we met Toribio

Ieber & Knoert / Sanne te Loo


Monster Ieber vangt een vogeltje en wil het graag houden, maar volgens monster Knoert is dat heel zielig voor het vogeltje en hij laat het vrij. Daarop laat Ieber, zonder dat Knoert het weet, de cactus van Knoert ‘vrij’. Knoert is erg verdrietig over zijn verdwenen cactus, Ieber durft niet te zeggen dat hij de cactus buiten hun grot heeft geplaatst en de cactus begint allemaal gaten te vertonen. Gelukkig treffen ze, als de ongelukkige Ieber eindelijk heeft toegegeven wat hij heeft gedaan, buiten een cactus vol gaten waar kleurige vogeltjes in zijn gaan wonen en waar allemaal bloemetjes uit beginnen te groeien.

De jongen op de bank / Corrinne Averiss ; geïllustreerd door Gabriel Alborozo ; vertaling [uit het Engels]: door Ineke Ris


Tim kan niet spelen in de speeltuin, want er zijn te veel kinderen: hij past er niet tussen en ze maken te veel lawaai. Daarom blijft hij bij zijn vader (die druk is met laptop en papieren) op de bank zitten. Als de knuffel van een meisje op een hoog klimtoestel beland en niemand het lijkt te gaan pakken, vergeet Tim zijn verlegenheid/angst en klimt er op af: een mooie opening voor een nieuwe vriendschap. Spelend met het meisje is hij zijn zorgen vergeten en samen gaan ze heerlijk spelen tussen de andere kinderen.

Tijn Konijn wil skiën / Claudia Rueda ; vertaling [uit het Engels]: J.H. Gever

Tijn Konijn wil skiën, maar kan wel wat hulp gebruiken: er is geen sneeuw (kinderen mogen even met het boek schudden), er is een berg sneeuw op hem gevallen (kinderen mogen even op het boek kloppen om het van hem af te kloppen), er is geen berg om vanaf te roetsjen (kinderen mogen het boek scheef houden), hij stort in een ravijn (kinderen mogen het boek omdraaien om zijn val te breken), hij blijft in een boom hangen (kinderen mogen het boek terug draaien om hem uit de boom te bevrijden) en hij skiet in een gat (maar gelukkig blijkt dat zijn eigen konijnenhol te zijn). De voorleeskinderen waren er maar druk mee, maar zo’n interactief prentenboek doet het altijd goed.

Voor alle sterren in de nacht / Karl Newson ; met tekeningen van Chiaki Okada ; vertaling [uit het Engels]: Jesse Goossens


Warm prentenboek over een mama beer die haar kindje beer naar bed brengt. De kleine beer mag wensen doen en deze komen meteen uit: vliegen als vogels, zwemmen als vissen, zo klein worden als een lieveheersbeestje en zo groot worden als reuzen. Komen de wensen echt allemaal uit of zitten ze er gewoon heerlijk op los te fantaseren? Lief prentenboek, vooral voor op de bedrand.

Wat doen we met Toribio / Isol ; vertaling [uit het Spaans]: door Agnes Brunt


Jeeeh een nieuwe Isol! De Argentijnse Isol won in 2013 de Astrid Lindgren Prijs (oeuvre-prijs) en vanaf dat jaar zijn een aantal van haar bijzondere boeken in het Nederlands vertaald. Dit prentenboek gaat over jongetje Toribio dat ‘s nachts huilend zijn ouders roept, zijn vlees weigert te eten, geen middagdut wil doen, nog niet zindelijk is en niet gewassen wil worden. ‘Doen jullie dat ook?’, vroeg ik aan de voorleeskinderen. Nee, allemaal niet. Hun (groot)ouders die achter de kinderen zaten, zeiden niets, maar maakten geluiden waaruit ik kon opmaken dat zij daar heel anders over dachten 🙂 Via een advertentie in de krant komen Toribio’s licht wanhopige ouders bij iemand die hen kan ‘helpen’: ze hoeven alleen voor het slapengaan wat toverpoeder op Toribio’s kussen te strooien. En … het werkt! Toribio is niet meer bang in het donker, slaapt heerlijk overdag, wast zichzelf, eet zijn vlees en gaat voortaan op de eh kattenbak. Toch wel een schokkende metamorfose: Toribio zal verder door het leven gaan als een kat. ‘Is toch ook leuk!’, riep een enthousiaste kleuter. Jazeker: een kat is ook leuk. En de nieuwe Isol ook.