Drop, het stoute eendje

Drop, het stoute eendje / Catharina Valckx

Het zint Drop niet dat iedereen hem schattig vindt. Hij besluit daarom om stout te worden en voegt meteen de daad bij het woord door zich vreselijk te misdragen bij de dieren die hem lief zijn: grote mond, bijten, het zandkasteel van een ander kapot maken, iemand expres op het hoofd poepen. En het werkt: ‘Nou ja zeg!’bromt Stoffel. ‘De brutaliteit! Zo ken ik je helemaal niet, schobbejak!’. Continue reading “Drop, het stoute eendje”

Alle verhalen van Ridder Florian

Alle verhalen van Ridder Florian / Marjet Huiberts ; met tekeningen van Philip Hopman

Van Ridder Florian zijn vele prentenboeken en hier zijn ze gebundeld (inclusief twee nieuwe verhalen)  in een lekker dik boek voor extra lang plezier.

‘Ridder Florian de Bange’ (zo beginnen alle verhalen) is een riddertje in kleuterformaat, dat ieder verhaal angstig of bevooroordeeld ingaat, maar aan het einde steeds weer ervaart dat de werkelijkheid anders is en altijd in positieve zin. De akelige nar die Florian publiek te kakken zet, wordt zelf zo bang voor de kleine boze pony van Floriamndat hij het zelf van angst in zijn broek doet, de enge draak blijkt gewoon een vriend te willen, de boze keizerin is eigenlijk een goedlachse vrouw die hartelijk om Florians moppen lacht, de gemene oplichter wordt uiteindelijk door Florian om de tuin geleid en de monnik is geen stinkende zonderling maar een lieve muzikale leermeester. En vooral alle grote boze mannen blijken maar bange poeperds.

Continue reading “Alle verhalen van Ridder Florian”

Die peer is voor mij!

Die peer is voor mij! / Anuska Allepuz ; vertaling [uit het Engels]: J.H. Gever

‘Dit boek gaat over …. ?’, vroeg ik aan de voorleeskinderen toen ik de kaft liet zien. ‘Muizen’, zeiden de kinderen. Maar op de eerste bladzijden is er geen muis te bekennen: het gaat over olifanten. De muizen komen een aantal pagina’s verder in het verhaal: piepklein. Dus wie niet oplet, mist ze. Maar ze zijn erg belangrijk in het verhaal: ineens is er een boom ontdekt met heerlijke peren. De olifanten proberen ieder voor zich (‘Die peer is voor mij!’) op allerlei manieren de hoge peer uit de boom te bemachtigen. Ondertussen werken de muizen samen om die peer te pakken te krijgen. De pogingen van de olifanten mislukken jammerlijk, de muizen slagen. Als de olifanten de muizen horen roepen ‘Die peer is voor ons!’ beseffen ze waarom het de muizen wel gelukt is: het zit ‘m in het woordje ons. Met dit besef komt het wel goed en uiteindelijk smult iedereen van de peren.

Dit had een braaf of moraliserend verhaal over samenwerking kunnen zijn, maar ook al is de conclusie duidelijk: het is een ontzettend grappig boek: het aftellen en de uitroepen van de muizen tijdens hun project, de idiote pogingen van de olifanten. Een boek mag zeker wel een boodschap hebben, als het maar leuk gebracht wordt. En dat is hier absoluut gelukt.

 

De wolf, de eend & de muis

De wolf, de eend & de muis / geschreven door Mac Barnett ; met illustraties van Jon Klassen ; vertaald [uit het Engels] door Edward van de Vendel

Eigenlijk zou ik hier de eerste zin van het boek willen citeren, want het begon al knallend. Helaas is het zo dat ik prentenboeken lees op kantoor, daarna lees ik ze voor aan mijn publiekje en daarna slinger ik ze meteen weer de uitleen in zodat kleine lenertjes er zo snel mogelijk plezier van kunnen hebben. Dat is soms wel een gemis bij het schrijven van stukjes, zeker omdat ik meestal pas een paar dagen na het voorlezen tijd heb voor mijn blog. Maar met dank aan het inkijkexemplaar van bol.com kan ik toch de eerste zin verklappen:

‘Op een dag, het was nog vroeg, kwam een muis
een wolf tegen,
en die vrat hem vrolijk op’.

Bam! De toon is gezet. Op kantoor moest ik er hard om lachen, bij het voorlezen ging er een lichte schok door mijn kleuterpubliek. Gelukkig is de muis in één geheel doorgeslikt en blijkt er in de buik van de wolf al een eend te wonen die het daar erg naar zijn zin heeft. Aangezien de wolf wel meer naar binnen slokt hebben ze gebrek aan niets: meubilair, allerhande eten en kookgerei en een platenspeler! Eend en muis maken er een vrolijk feest van daarbinnen: er wordt heerlijk gegeten en gezellig gedanst. Wolf wordt er echter behoorlijk onwel van. En in zijn verzwakte toestand wordt hij ontdekt door een jager. Eend en muis die beseffen dat zij en hun huis in gevaar zijn, grijpen op dappere (en hilarische) wijze in door als ridder te paard (muis te eend, met vergiet en pan als helmen en hockeystick als lans) uit de bek van de wolf te springen. Wolf die spijt heeft van zijn opslokgedrag nu hij gered is door zijn eigen slachtoffers, laat eend en muis een wens doen: hij heeft alles voor ze over. Ik zal niet verklappen wat hun wens is, maar met de wolf komt het nooit meer goed.

Briljant prentenboek weer van Mac Barnett en Jon Klassen, die al een paar keer eerder hebben samen gewerkt. Illustrator Jon Klassen is ook bekend van zijn hoedentrilogie. Prachtige illustraties en wat zwarte humor. Ik vind het een geweldige combinatie. In dit geval mooie en humorvolle vertaling door Edward van de Vendel.

Van wie is die sok?

Van wie is die sok? / Joukje Akveld & Charlotte Dematons

Het vijfde en nieuwste boekje in de geweldige ‘Van wie is die ….’-serie van Joukje Akveld. Met iedere keer weer een fantastische illustrator (Van wie is die hoed? maakte ze met Thé Tjong-Khing, Van wie is dat huis? met Annemarie van Haeringen, Van wie is die auto? met Philip Hopman en Van wie is die staart? met Martijn van der Linden).

Charlotte Dematons heeft er in dit deeltje allemaal bekende sprookjesfiguren in verwerkt. Iedere keer is er de terugkerende vraag ‘van wie is die …?’ en in dit boekje gaat dat steeds om een kledingstuk. Voor peuters misschien nog een uitdaging om te raden van wie (je kunt altijd kiezen uit vier opties, in dit geval sprookjesfiguren), kleuters hebben het meestal snel goed. Maar dat geeft niet, want er is een hoop te zien (na het raden volgt een afbeelding waarop je kan zien hoe het kledingstuk verdween), te lachen (vooral de kabouter met de blote billen deed het erg goed) en je af te vragen (wie neemt toch die kleren mee en waarom, en waarom kijkt die kleine prinses zo boos?). Uiteindelijk wordt alles duidelijk. Het was weer een feest om dit voor te lezen in de bibliotheek.

Hoewel dit stukje vooral over een van de vijf ging, moet ik hierbij zeggen: het zijn alle vijf enorme aanraders. Voor gegarandeerd voorleesplezier!