Ik wil mijn mama!, Het meisje en haar zeven paarden, Het mooie dorpje Mooiezon, Spelen tot het donker wordt, De tijger in mij

Ik wil mijn mama! / Tony Ross ; vertaling [uit het Engels]: Loes Randazzo


De Kleine Prinses (inmiddels bij veel kinderen bekend van tv) brult continu om haar mama. Als de Kleine Prinses uit logeren gaat en merkt dat haar moeder weg is, is het even slikken. Gaat ze het dit keer redden zonder haar mama (en redt mama het eigenlijk wel zonder haar kleine prinses)?

Het meisje en haar zeven paarden / Hadi Mohammadi & Nooshin Safakhoo ; vertaald door Imme Dros 


Een meisje ligt in bed en verzint zeven paarden. Zes van hebben telkens iets (kleur, een plek om te staan, iets dat ze verzonnen hebben), het zevende paard heeft telkens niets. Daarom geven de zes paarden steeds iets van wat zij hebben aan het zevende paard, waardoor dat uiteindelijk alles van alles heeft. Als de paarden een veulen krijgen, geeft het zevende paard weer alles van alles door aan haar veulen. En uiteindelijk is er ook veel meer kleur in de kamer van het meisje in bed die alles verzonnen heeft. Het prentenboek is wat moeilijk, maar is ook heel mooi voor wie het niet allemaal begrijpt.

Het mooie dorpje Mooiezon / Edward van de Vendel en Suzan T’Hooft

Mooiezon is een vriendelijk dorpje waar alle dieren elkaar helpen. Maar als er een feest is loopt Miereneter zich ineens kwaad te maken over Grote Slome Panda, want wat heeft hij nu helemaal gedaan? Niets! De andere dieren weten wel van alles te noemen: Grote Slome Panda zorgt voor gezelligheid, troost, is heel lief, zonder hem is het niet leuk. Als iemand vraagt wat Miereneter zelf eigenlijk doet, blijkt hij eigenlijk ook niet zo actief te zijn. Panda staat op en geeft hem een dikke knuffel. Mooie conclusie kun je hier trekken: het gaat niet om wat je allemaal gedaan hebt, maar om wie je bent en hoe je voor anderen bent.

Spelen tot het donker wordt / Marit Törnqvist ; twee gedichten van Hans & Monique Hagen


Dit hardkartonnen boekje begint met een gedicht over een jongetje en en meisje die altijd samen spelen en eindigt met een gedichtje aan het einde van het boek waarin de (speel)dag ook eindigt. Hiertussen tekstloze prenten waarop de kindjes meestal samen spelen en soms alleen. Wat een prachtige, vriendelijke en herkenbare prenten van restaurantje spelen met heel veel poppen en knuffels, een supertreinbaan met houten rails bouwen, spelen in bad en in de sneeuw, op de muur tekenen. Het is allemaal heerlijk en herkenbaar, zowel voor kind als volwassenen. De voorleeskindjes stonden allemaal voor mijn voorleesstoel elkaar te verdringen om alles te kunnen bekijken en benoemen en op mijn knie lag een klein handje. Wat een fijn boekje! Voor peuters, maar ook nog heel leuk voor kleuters.

De tijger in mij / Marieke van Ditshuizen


Een wild jongetje wordt door zijn moeder altijd tijger genoemd. Als ze hem (hij is te druk binnen) buiten zet om in de zandbak te spelen, verandert hij in een echte tijger. Zijn vriendjes in de speeltijd slaan voor hem op de vlucht, maar mama geeft hem dikke knuffels als hij weer thuis is. Hij is wel wat wild, maar ook lekker zacht.

De grote verboden zolder

De grote verboden zolder / Edward van de Vendel

De grote zolder is een verboden plek voor Eddie (verboden door zijn ouders) omdat het een gevaarlijke plek is: er zijn stukken waar je doorheen kunt vallen. Maar sinds het ‘beschadigde’ meisje Linea bij het gezin logeert, komt hij er wel: Linea komt Eddie regelmatig ‘s nachts uit zijn bed halen om hem mee te nemen naar zolder waar ze droomachtige dingen beleven. Of droomt hij het maar? Uiteindelijk beginnen de zolderavonturen meer op nachtmerries te lijken en moet Eddie Linea’s demonen verslaan. Alles wat ze in de nacht op zolder meemaken lijkt verband te hebben met de gezinssituatie van Linea.

Lees verder

De wolf, de eend & de muis

De wolf, de eend & de muis / geschreven door Mac Barnett ; met illustraties van Jon Klassen ; vertaald [uit het Engels] door Edward van de Vendel

Eigenlijk zou ik hier de eerste zin van het boek willen citeren, want het begon al knallend. Helaas is het zo dat ik prentenboeken lees op kantoor, daarna lees ik ze voor aan mijn publiekje en daarna slinger ik ze meteen weer de uitleen in zodat kleine lenertjes er zo snel mogelijk plezier van kunnen hebben. Dat is soms wel een gemis bij het schrijven van stukjes, zeker omdat ik meestal pas een paar dagen na het voorlezen tijd heb voor mijn blog. Maar met dank aan het inkijkexemplaar van bol.com kan ik toch de eerste zin verklappen:

‘Op een dag, het was nog vroeg, kwam een muis
een wolf tegen,
en die vrat hem vrolijk op’.

Bam! De toon is gezet. Op kantoor moest ik er hard om lachen, bij het voorlezen ging er een lichte schok door mijn kleuterpubliek. Gelukkig is de muis in één geheel doorgeslikt en blijkt er in de buik van de wolf al een eend te wonen die het daar erg naar zijn zin heeft. Aangezien de wolf wel meer naar binnen slokt hebben ze gebrek aan niets: meubilair, allerhande eten en kookgerei en een platenspeler! Eend en muis maken er een vrolijk feest van daarbinnen: er wordt heerlijk gegeten en gezellig gedanst. Wolf wordt er echter behoorlijk onwel van. En in zijn verzwakte toestand wordt hij ontdekt door een jager. Eend en muis die beseffen dat zij en hun huis in gevaar zijn, grijpen op dappere (en hilarische) wijze in door als ridder te paard (muis te eend, met vergiet en pan als helmen en hockeystick als lans) uit de bek van de wolf te springen. Wolf die spijt heeft van zijn opslokgedrag nu hij gered is door zijn eigen slachtoffers, laat eend en muis een wens doen: hij heeft alles voor ze over. Ik zal niet verklappen wat hun wens is, maar met de wolf komt het nooit meer goed.

Briljant prentenboek weer van Mac Barnett en Jon Klassen, die al een paar keer eerder hebben samen gewerkt. Illustrator Jon Klassen is ook bekend van zijn hoedentrilogie. Prachtige illustraties en wat zwarte humor. Ik vind het een geweldige combinatie. In dit geval mooie en humorvolle vertaling door Edward van de Vendel.

De Grotteling

De Grotteling / Benji Davies ; vertaald [uit het Engels] door Edward van de Vendel

Wat een schitterende illustraties maakt Benji Davies toch! In Nederland is hij vooral bekend door De kleine walvis: Prentenboek van het jaar 2017.

De Grotteling speelt in Engeland, maar dan een jaar of 100 geleden. Enige uitleg aan de kinderen die je voorleest is daarbij wel handig. Vooral aan te raden is de eerste prent goed bekijken: de prent van voor het verhaal begint. Aangezien het verhaal draait om alles en iedereen die je op die prent ziet: een chagrijnige orgelman met een vastgebonden aapje, een jongen op het dak, een meisje voor het raam en een typisch Engelse politieagent die door mijn voorleespubliek niet als politieagent herkent werd.

Het wijsje dat de orgelman draait is een liedje over de enge Grotteling. Het meisje voor het raam krijgt vervolgens het liedje niet uit haar hoofd en gaat angstig in bed liggen, want wellicht komt de Grotteling. En ja, hij komt inderdaad. Iedereen ziet hem, of eigenlijk net niet. Overal jat hij wat weg en laat mensen geschrokken achter. De kinderen die goed naar de prenten kijken zien wie de Grotteling daadwerkelijk is. En jat hij alles wat los en vast zit, of heeft hij een plan? Uiteindelijk wordt het allemaal duidelijk en heeft alles te maken met die eerste prent.

Wat een leuk boek om te bekijken en voor te lezen. En met enige hulp en uitleg aan de kinderen zien ze meer en doen ze lekker enthousiast mee.

Een perfect kind?

Een perfect kind? / Michaël Escoffier & Matthieu Maudet ; vertaald [uit het Frans] door Edward van de Vendel

Meneer en mevrouw de Vries gaan naar de supermarkt om een kind te kopen. Ze willen een perfect kind. Ze krijgen een laatste exemplaar, want de vraag naar perfecte kinderen is erg groot, aldus de verkoper. Het jongetje is inderdaad perfect: slaat een suikerspin af, want dat is niet gezond. Wanneer zijn ouders geen boodschappen hebben gedaan en de koelkast leeg is, zegt hij vrolijk dat het niet geeft en dat hij de volgende dag wel weer zal eten en als zijn vader hem vergeet uit school te halen en pas komt aanrijden als het al donker is, blijkt het jongetje dat als een mooie kans te hebben gezien om tot heel ver te tellen. Maar op het moment dat zijn ouders zich in de carnavalsdatum hebben vergist en het jongetje verkleed als bijtje naar school laten gaan (nota bene op de dag dat de schoolfotograaf komt) en hij op school wordt uitgelachen, krijgt hij bij thuiskomst een kleine woedeaanval. Het stelt niet veel voor, maar voor zijn ouders wel, want hij blijkt dus toch niet perfect te zijn en zijn ouders gaan terug met hem naar de supermarkt. Wanneer de verkoper het jongetje vraagt wat hij eigenlijk wil, vraagt het jongetje om perfecte ouders. De verkoper schiet in de lach: het idee! Die bestaan natuurlijk helemaal niet!

Grappig en origineel prentenboek. De kinderen bij het voorlezen leken zich vooral te verbazen over het perfecte gedrag van het jongetje: ze vonden het duidelijk niet normaal en wat zorgwekkend. Dat de ouders niet zo best bezig waren, leek ze minder op te vallen. Uit dit verhaal kan je concluderen: perfecte kinderen bestaan niet, net zo min als perfecte ouders. Het is alleen de vraag wie dat beter begrijpen: kinderen, of ouders?